Het begin van het seizoen

De eerste race van het jaar zit er op. Nadat ik vrijdag tot de slotsom was gekomen dat ik het te koud vond om de Ronde van Vlaanderen te gaan fietsen was daar de gelegenheid om aan de clubkampioenschappen van mijn club (Swift Leiden) mee te doen. Je moet toch een keer een seizoenstart maken, en tot nu toe moest ik eerdere mogelijkheden om te rijden vanwege malheur aan de keel aan me voorbij laten gaan. Ik had in de sneeuwperiode, toen het er ook nog hard bij woei, mijn keel dermate geïrriteerd met het inademen van grote hoeveelheden koude lucht dat deze bijna ontstoken raakte. Letterlijk rustig doorfietsen, is dan het devies. Met andere woorden, ik heb genoeg lang duurwerk gedaan, maar het meer intensieve werk is er tot nu toe bij ingeschoten. En ik had vorig jaar al gemerkt dat juist dat erg belangrijk is…

Afijn, nadat vanmorgen de wekker was afgegaan bleef ik nog een kleine tien minuten liggen, dubbend of ik wel of niet zou gaan rijden. Maar ik kon eigenlijk geen reden verzinnen om niet te gaan, dus stapte ik maar uit bed, om met een blik naar buiten te mogen constateren dat er sneeuwvlokjes naar beneden dwarrelden. Ach, toe maar….

Bij de club aangekomen was het zaak om het lijf een beetje los en warm te rijden. Daar bleken de bovenbenen toch anders over te denken, want die blokkeerden aardig toen het tegen de wind in ging. Iedere illusie die ik nog had verdween daarmee definitief: ‘t zou een uurtje overleven worden. Na een ommetje van 22km en zo’n vijftal rondjes op de baan zelf was het tijd om achter de startlijn plaats te nemen.

Vanuit de start werd er gelijk gekoerst, en deed een groepje in de eerste bocht al een uitlooppoging. Dat had zo zijn gevolgen, en aan de achterkant van het peleton verdwenen er rijders, waaronder ik. Ik gokte erop dat degene voor mij het gaatje wel dicht zou rijden, maar dat bleek ijdele hoop te zijn, en in een uiterste krachtsinspanning reed ik het gaatje net voor de laatste bocht dicht. Omdat de snoodaards ook waren ingelopen was er een kans dat het even stil zou vallen, en ik even wat beter op adem zou kunnen komen. Helaas, er werd onverminderd hard doorgereden, en bracht ik de tweede ronde spartelend aan de staart van het peleton dooe, om er aan het begin van de derde ronde definitief af te gaan. Een blik naar achter toonde een tweetal rijders een kleine 100m achter me. Als ik het even wat rustiger aan zou doen, dan kon ik weer aanpikken als ze voorbij kwamen. Alszo gebeurde. Alleen waren we twee ronden later nog maar met ons tweeën, en weer een ronde later moest ik afhaken. Een paar ronden later merkte ik dat er wederom een 100m achter me een tweetal reed. Drie ronden later was dit verschil nog steeds 100m, en leek het me handiger dat ik me tot hen liet afzakken, want je kunt beter met drie man zijn dan alleen. Zo gezegd, zo gedaan, en het liep vrij aardig totdat het peleton langszij kwam, en ieder een poging deed om zo lang mogelijk bij te blijven. Gevolg was wel dat ik helemaal alleen kwam te zitten toen ik weer moest lossen. Tsja, wat nu?

Doorrijden, wat zou je anders moeten doen? Nu is het knap lastig om doelloos rond te rijden, dus speurde ik naarstig naar mogelijkheden om me op te richten. Na verloop van tijd zag ik voor me een tweetal rijden waar ik langzaam maar zeker op aan het inlopen was. Een aantal ronden verder had ik hen op de Bult achterhaald. Maar ja, als je een groepje bijhaald, dan rijd je harder dan zij, en heeft het weinig zin om aan te sluiten. Dus passeren, en wie mee kan heeft geluk.Eén bleek mee te kunnen komen, en bleef een ronde of drie in mijn wiel rijden. Niks mis mee, ik was immers de snellere. Het zorgde er wel voor dat hij bij zijn laatste ronde net niet op nog een ronde achterstand werd gezet. Goed bekeken.

Toen het peleton voor de derde keer langs kwam bleek het tempo wat gezakt te zijn, en kon ik in de staart meekomen. Bij de volgende doorkomst waren er nog drie ronden te gaan. Gelijk werd het tempo opgevoerd. Zaak was tot in ieder geval de laatste ronde bij te blijven, en dat lukte vrij aardig. Bij de laatste beklimming van de Bult heb ik de groep laten lopen. Met een paar ronden achterstand en niemand verder in dezelfde ronde maakt het toch geen verschil. 15e geworden van de 17 finishers en 19 gestarten. Er is nog ruimte voor verbetering, heet dat dan.

Toch heb ik wel een goed gevoel overgehouden. Dit was ook de eerste keer dat ik m;n nieuwe fiets in een race heb gereden. Ik had al een 2000km erop gereden, dus wist ik wel zo’n beetje hoe de fiets zou reageren, maar om ermee daadwerkelijk te sleuren, duwen en trekken is toch wel iets geheel anders. En ik moet zeggen, het rijdt beter dan de oude, ondanks dat ik daar haast blindelings mee kan rijden. Ik moet alleen nog een beter gevoel krijgen voor de optimale locatie van het zwaartepunt, want ik moest de fiets een paar keer de bocht doortrekken omdat ik niet goed op de fiets zat. Maar ik heb het gevoel dat dat niet lang zal duren.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s